Lac de St-Cassien
 

Startpagina

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 
Aangepast zoeken
 

Lac de Saint Cassien
 juli 2006

 

VAKANTIE 2006

Frejus - Camping Montourey

Departement Var -  Provence - Cote d'Azure

VISWATER 

Lac de Saint- Cassien

Eindelijk vakantie! De verwachtingen waren hooggespannen bij mij en zoon Collin, want we zouden gaan vissen in Lac de Saint- Cassien, het topkarperwater van Europa. Al maanden was ik bezig geweest, met het zoeken van allerlei info over dat magische meer. Ik had aardig wat kunnen vinden, zoals adressen voor vergunningen, een hengelsportzaak, stekken, voer en aasmethoden en zaken betreffende het te gebruiken materiaal. Het bleek een absolute must te zijn, om daar een boot te hebben en daar ik geen ruimte had om mijn eigen carphunter mee te nemen, had ik ook al info over het huren van een boot. Vrouw Jose en oudste zoon Bryan hadden met mooi weer en een zwembad in het vooruitzicht, ook genoeg zin om maar zo snel mogelijk te vertrekken.
 

VRIJDAG 14 JULI 2006

Vertrek naar tussenstop Macon, waar we in Comfort Hotel "Macon-sud" de nacht zouden doorbrengen. We gingen rijden om 03.30 uur. Het was tropisch warm in Nederland en wat ons te wachten stond was nog een paar graadjes meer, hadden we op teletekst kunnen lezen. Uiteraard moesten we weer door dat vreselijke BelgiŽ heen, deze maal de route Antwerpen-Brussel-Namen-Luxemburg. We wisten al dat er wegwerken zouden zijn op de E411 en de E25 en onze keus viel op de genoemde route, de E411. De file viel mee, een half uurtje tijdverlies. De rest van de 850 km naar Macon ging vlotjes, omdat er geen vrachtverkeer op de Franse wegen was. Het was "quartorze Juliet" , de Franse nationale feestdag. Na vele peuk-,eet- en drinkpauzes kwamen we om 16.30 uur in Macon aan. Eerst ff een douche-je en een uiltje knappen en daarna een hapje eten en wat drinken. In een broeierig Macon konden we eerst nog van een onweersbuitje genieten. Daarna al vroeg de bedjes opgezocht, want ik wilde al weer vroeg op pad, de volgende dag.

ZATERDAG 15 JULI 2006

Redelijk uitgerust namen we 's morgens nog een ontbijtje in het hotel en vertrokken we om 08.30 uur, voor de laatste 550 km, naar Frejus. Dit op een bijna zwarte zaterdag, wat betekend dat het topdruk zou worden. En dat was het vooral op het beruchte stuk tussen Lyon en Orange, constante jojo-files, ff optrekken en dan weer in de ankers. Maar na Orange, waar al het Spanjeverkeer afbuigt, werd het weer normaal druk op de snelweg, zonder verdere files dus. De laatste 20 km voor Frejus kregen we alweer een fijn onweer als welkom, een hoop gebliksem en gedonder, met echter maar 'n paar druppels regen. Om 17.00 uur waren we dan eindelijk op de camping. Eerst ff uitgepakt en daarna snel wat boodschappen gedaan in een van de vele supermarkten in Frejus. Na wat gegeten en gedronken te hebben, gingen we vroeg slapen. Zo de vakantie was begonnen, voor de volgende dag stonden zwemmen en vergunningen halen als eerste op het programma.

ZONDAG 16 JULI 2006

Na het nuttigen van een paar bakkies en het verorberen van de in Frankrijk gebruikelijke stokbroodjes, met daarop 'n gebakken eitje, franse kaas en als toetje een croissantje met jam, werd het tijd om richting Cassien te gaan, om voor Collin en mij een vergunning te kopen. Anders geen hengels uit! Het kon niet moeilijk zijn. Op internet had ik al de benodigde adressen gevonden en ook de route had ik al uitgeprint. We zouden bij het aanrijden vanuit Frejus, links de zuid-arm van het meer zien, om vervolgens eerst het restaurant Bois de Callian (Chez Gerard) tegen te komen en een stukje verder had je dan het restaurant Chez Pierre. Beiden beroemd in karperland. Voor vergunningen, boten en visspullen moest je daar zijn! Zo gezegd, zo gedaan! Op pad naar Cassien, vanuit Frejus de snelweg richting Cannes. Hier begonnen we al met betalen, Ä 2,30 tol en dat is dus een enkeltje, want terug kost het nog eens Ä 2,30. Belangrijk! Want je moet er elk ritje toch voor zorgen voldoende kleingeld mee te nemen, anders moet je in de rij gaan staan voor het loket. Nu konden we het geld zo in de automaat gooien en dat gaat veel sneller. Alles bij elkaar hadden we een half uurtje nodig, om bij Cassien te komen. Makkelijk te vinden dus! De eerste aanblik deed me niet direct aan het walhalla denken. Het water stond zeker 'n meter of drie onder z'n hoogste punt, wel zag je dat het mooi helder en blauw was, maar al de oevers die vanaf de weg te bereiken waren, zaten vol met (Franse) badgasten. Ook zag ik overal kano's en waterfietsen. In eerste instantie had ik de indruk, dat ik zo'n alle-Jezus-end gereden had, om aan het plasje van een van de Center Parcs parken te gaan vissen. Allesbehalve Mekka dus! Maar ok! Het was zondag en ik had goede hoop dat het doordeweeks, als die Fransen aan het werk waren, een stuk rustiger zou zijn. Maar eerst de vergunningen. Voor ik het wist, stonden we al op het terrein van Chez Gerard, restaurant "Bois de Callian" dus. Wij naar binnen. Hier zouden ze dus vergunningen hebben en hier kon je ook boten huren, bootjes met elektromotor moest je bestellen, had ik van internet geleerd. Alle bordjes, waarop het visgebeuren op werd aangekondigd, wezen mij de weg naar de bar. Een aardige Frans sprekende Fransman vroeg mogelijk, of wij iets wensten. In mijn beste Nederlandstalige Engels vroeg ik hem dus om een cart de pÍche. Uhh, dat is Frans. Gaat ie staan brabbelen en gebaren in het Frans, dat het een lieve lust was. Ik begreep er echter geen bal van. Toen ie dat door had, riep ie een van de serveersters en dat bleek een platte Engelse te zijn. Plat in taal, voor hen die het verkeerd begrijpen, want het was een leuke meid, met alles der op en der aan. Van haar werd ik in elk geval wel wijzer, m'n Engels is wat beter, dan m'n Frans. Gerard had de boel aan Engelsen verkocht en het bleek dus alleen nog een restaurant te zijn, vergunningen had men niet meer en boten werden er niet meer verhuurd, alleen nog waterfietsen en kano's. Helaas dus, echter wist ze wel te vertellen, dat we daarvoor een eindje verderop bij Chez Pierre terecht konden. Net of wij dat niet wisten, ha! Kan gebeuren zoiets, jammer dat ze de moeite niet hadden genomen, om de bordjes weg te halen. Dus naar Pierre, de beroemde Pierre! Daar aangekomen, bekroop mij al een gevoel, dat er ook daar iets niet pluis was. Ook hier de bordjes, zij het van een sjofele kwaliteit en wat ooit een hengelsportzaak was, zag er nu tamelijk leeg uit. Maar ook hier gingen we richting de bar. Je krijgt er al gauw ervaring in, blijkt wel. En ja hoor! Ook hier een Engelse dame. De meer dan beroemde karperfoto's, die de bar bij Pierre zouden moeten sieren waren er niet meer. Ook Pierre had de boel verkocht en het enige wat je er nu kon kopen waren eten en drinken. Balen zeg! Deze dame kon me in elk geval wel zeggen waar de vergunningen te koop waren, echter moest zij de Franse naam van een camping zeggen en dat kwam niet zo geweldig over, dus concentreerde ik me maar op de route die ze mij opgaf. De camping was gelegen in Montauroux, te bereiken via doorrijden op dezelfde weg, over de brug welke over de noord-arm ligt, om vervolgens de west-arm te volgen tot aan de rotonde. Volgens mij was het de tweede afslag op de rotonde waar een bordje naar camping "Les Floralies" stond. Het weggetje volgend, kwamen na niet al te lange tijd bij een leuke rustige camping aan, met een klein zwembadje. Wij naar de receptie en daar bevond zich de eigenaar, Dhr. Pelletier, welke ons zelfs in het Engels te woord kon staan en ja, hij verkocht vergunningen. Hoera! Eindelijk! Twee card de vacances, a Ä 31,-- p/st, gekocht. Daarna zijn we maar eens gaan kijken naar een eventuele stek. We hadden geen visspullen mee, dus het werd 'n beetje rondrijden en af en toe stoppen en kijken. De west-arm had wel stekken maar de weg lag te hoog en er was te weinig parkeergelegenheid. De noord-arm was al helemaal niet vanaf de kant te bereiken, wat is dat een mooi stuk water zeg! En de zuid-arm had alleen tussen de restaurants in voldoende parkeergelegenheid, maar ook hier moest je nog 'n flink stuk naar beneden lopen, door een dor westernlandschap van rotsen en verdorde struiken. Ellende is, dat je dat bij vertrek ook weer omhoog moet. Niet zo'n prettig vooruitzicht. Maar je moet er iets voor over hebben, om in het Walhalla te komen,toch? Hier zouden we het vanaf de kant proberen, omdat ik verder geen visbootverhuur had gezien, waardoor alle, met een boot te bereiken stekken afvielen. Na wederom de Franse snelweg te hebben gesponsord, keerden we enige uren later weer terug op de camping. Na het uitproberen van het zwembad, een cirkel met een diameter van 'n meter of 25, gevuld met schoon water, zat de eerste echte vakantiedag er zo'n beetje op. De vergunningen waren binnen en we konden haast niet wachten tot de volgende dag, want dan zouden we gaan vissen, in Cassien! Het Walhalla, het Mekka voor elke karpervisser!
 

MAANDAG 17 JULI

Het bij ons gebruikelijke ochtendritueel zal ik vanaf nu maar achterwege laten, want dat is bijna elke dag het zelfde. Eindelijk zouden we dus gaan vissen in Lac de St-Cassien. Spullen in de auto geladen, aangevuld met een koelbox vol met flessen water en broodjes. Noodzakelijk, dat water, want het zou bloedheet worden die dag, ruim boven de 35 graden en waarschijnlijk boven de 40 graden, daar in dat droge dorre landschap, rond Cassien. Aangekomen bij de zuid-arm, zagen we dat er ditmaal maar een paar badgasten waren en zowaar ook nog een paar andere karpervissers, er was echter plaats genoeg. We reden het parkeerterrein van Bois-de-Callian op en volgden van daaruit het rotspad terug, in de richting van waaruit we gekomen waren. Aan het eind van het rotspad was er een plateau, bedoeld voor het parkeren van campers. Er was echter helemaal niemand, dus ruimte zat. Ik parkeerde aan de rand van het plateau, zodat ik de auto vanaf de waterkant kon zien staan. Toch net ff een iets prettiger gevoel, omdat ik bij het spitten naar info op internet natuurlijk ook op verhalen over gestolen en gestripte auto's was gestuit. Vanaf het plateau bedroeg de afstand naar het water ca. 300 meter. Het kan een paar metertjes meer of minder zijn geweest, was 'n beetje moeilijk in te schatten, daar we over kronkelpaadjes ook nog eens zo'n meter of 30 naar beneden moesten. De hoeveelheid spullen was dusdanig groot, dat we elke keer een stukje van 25 meter liepen, om dan weer het volgende vrachtje op te halen. Zo schoven we langzaam richting het water. Het landschap waarin we liepen laat zich het beste vergelijken met dat in westernfilms, droog, rotsachtig, met dorre struiken vol stekels, waarin zich uiteraard het nodige lopende, vliegende en kruipend gespuis bevond, zoals wespen, spinnen, schorpioenen en slangen. Achteraf bleek dat allemaal nogal mee te vallen, op wat klierende wespen na dan. De stek die we uitgekozen hadden, was stek 5 op het plattegrondje van Cassien, beter bekend als "Phil et Joe".

Uitzicht op stek 5, "Phil et Joe".

Er was ruimte genoeg, want door het gezakte waterpeil (3 meter) hadden we een breed strand tot onze beschikking. De stekken 2-4-7 waren ook bezet met karpervissers. Hengels uit! HŤhŤ! We visten allebei met 2 hengels, allemaal voorzien van een gevlochten voorslag en het gebruikelijke rigsysteem. De voorslag was een keus die was ingegeven door de verslagen van de specialisten op internetsites, die vertelden over wierbedden, rotsen, richels en mosselbanken. Met de wierbedden maakten we gelijk al kennis, daar die in het heldere water duidelijk te zien waren, ze bevonden zich op ca. 20 meter uit de kant en we moesten er dus overheen vissen. Er achter was het water al een stuk donkerder, wat dus inhield dat het daar gelijk al een stuk dieper was, er lag dus een richel achter het wierbed. Maar niet al te negatief, de lijnen lagen uit, beaast met diverse Nash-boilies en problemen waren van latere zorg. Met de katapult voerde ik een flink aantal boilies en nu maar afwachten, wat er komen ging. Ik had vanwege de hitte de paraplu opgezet, zonder overwrap, de haringen waren absoluut niet in de harde bodem te krijgen. We dronken regelmatig. Omdat er niets gebeurde, gingen we maar eens wat beter naar onze omgeving kijken en daarbij viel het me op, dat de andere vissers goed geÔnstalleerd waren. Net alsof ze er al een week zaten, met tent, eigen boot, etc. en dat terwijl het nachtvissen in de zomermaanden verboden is. Verder viel het me op, dat er her en der verspreid, soms tot hoog in de struiken, wrakken van polyester roeibootjes lagen, dezelfde bootjes, wist ik uit een dvd-filmpje, die ooit door Gerard verhuurd werden.

Vissend op stek 5, met op de achtergrond een van de wrakbootjes. Deze bleek nog zeewaardig, alleen begin je niet veel zonder roeispanen.

Je gaat je dan toch afvragen, wat er op Cassien gebeurd is. Alles in verval, zou je haast zeggen, geen Gerard en Pierre meer, bootwrakken, zouden er nog wel karpers zitten? Of zou het nachtvisverbod in het hoogseizoen hier de oorzaak van zijn? Ik zou er deze dag geen antwoorden meer op krijgen. Er trok een onweersbui voorbij, over de bergen, welke via een klein omweggetje terug kwam, recht op ons af en als ik ergens niet van hou, dan is het vissen en onweer. Dat werd dus inpakken, we hadden er toen al een uurtje of vier opzitten en nog geen piepje gehad, alleen maar hitte. En had ik het zelf misschien nog wel even aangekeken, die onweersbui, om m'n zoon nam ik het risico niet. Het enige bewijs van vis kregen we van een inmiddels gearriveerde Franse vaste stok visser, die enige voorntjes ving. Ook de overige karpervissers kregen geen bewijs van vis. Bij het inhalen van de lijnen verspeelden we er een, terwijl ze allemaal vast liepen op het wierbed. Valt nog mee dus! Na een inspannende terugtocht naar de auto, reden we snel bij het naderende onweer vandaan. Op de camping namen we vervolgens een frisse duik in het zwembad. Nou ja, verfrissend? Het was zo warm, dat het zwembadwater aan het eind van de dag een graadje of 31 was. Hierna een potje koken en vervolgens rustig de avond uitzitten, luisterend naar de krekels en het constante geheibel van m'n lieve zoontjes.
 

DINSDAG 18 EN WOENSDAG 19 JULI

Twee dagen voor de rest van de familie. Er werd echter maar mager gebruik van gemaakt. Wat zonnen, wat zwemmen, eten, drinken en boodschappen doen, verder beperkten we ons tot rustig aan doen. Veel te heet! Het was 37 graden! Collin, met z'n rooie (ik moet zeggen oranje!) haar en witte velletje, was al snel verbrand, tijdens het zwemmen, dus alle openlucht attracties en het strand van Frejus vielen af als tijdverdrijf. Ik was al weer helemaal bezig met de donderdag, want we wilden weer vissen.

DONDERDAG 20 JULI

Wederom naar stek 5, alle andere stekken die te belopen waren, waren bezet door karpervissers en badgasten en onze stek was nog steeds vrij. We waren nu wat later gegaan en zouden tot donker blijven zitten. Lijntjes in, plu op en afwachten maar. Teveel voor een ongeduldig 12-jarig pubertje, dus het spinhengeltje moest ook uitgepakt worden. Met het lepeltje lukte het 'm niet, hoewel er wel baarsjes achteraan zwommen. Dus dan maar eens klooien met zijn schepnetje en daarmee ving hij wat mini voorntjes en mini catfish-jes, vervolgens een twister aan de spinhengel, waarbij hij een van de kleine visjes op de haak zette en vissen. En ja hoor, na een tijdje rommelen langs de waterkant, had meneer een catfish te pakken en nog een! Lachen dat baasje! Want hij ving vis en z'n vader niet, hoewel ik deze visdag regelmatig verrast werd met piepjes op alle hengels. Na het binnendraaien bleek, of de boilie verdwenen, of hij was tot dobbelsteen verbouwd. Bah! Catfish en waarschijnlijk een hele kolonie. Net als een jaar eerder op Lac de St-Pardoux. Maar weer geen karper, ook niet bij de andere vissers. Maar die vingen ze waarschijnlijk 's nachts, want de tentjes leken niet van hun plaats geweest. Wederom verspeelde ik een lijn bij het binnendraaien, waarschijnlijk aan een mosselbank. Wel moet ik nu vermelden, dat er karper zit. Jazeker, er zit karper in Cassien! Ik zag een mooie spiegel van een pondje of 10 springen. Daar wil je toch wel 1300 km voor rijden,toch? Toch geeft dat de burger weer moed, ze zitten er, dus gaan ze vast wel een keer bijten ook. Ook deze keer dus niks. De volgende keer dan maar eens vanaf zonsopkomst proberen.

VRIJDAG 21 - ZATERDAG 22 - ZONDAG 23 JULI

Geen visdagen, wel veel zwemmen en (vieze) cowboyboekies lezen en steeds bruiner worden natuurlijk. Niemand had, vanwege de hitte, echt zin in actie. Ik kon echter die karper niet vergeten en na het weekend was het mijn beurt weer. Pas de derde keer naar Cassien! Had ik eerder wat gevangen, dan was ik er, de hitte trotserend, wel vaker naar toe geweest.

MAANDAG 24 JULI

Om een uur of 3 was ik al op, veel te vroeg natuurlijk, het zonnetje kwam pas om 6 uur op. Het kriebelde, ik zou het vandaag anders aanpakken. Geen catfish meer, want ik zou er tijgernoten aan gaan hangen. Zo gezegd, zo gedaan! Maar afgezien van wat enkele piepjes (de wind?) weer niets. En omdat het in de ochtend nog lekker koel was , aan het water, kwam later in de ochtend de hitte extra hard aan. Collin trok het allemaal niet meer en ging gestrekt onder de paraplu, op de onthaakmat. Was ie toch nog ergens goed voor. Omstreeks 12 uur was het niet meer te harden en zijn we maar gestopt. Het tentjesvolk op stek 2 was ook nog steeds aanwezig en heb ik ook nu niets zien vangen. Zaten we op een verkeerde stek, was het soms ook voor de vissen te heet, bijten ze op Cassien alleen 's nachts? Wie het weet, mag het zeggen. Ik zag de zoveelste teleurstellende vakantie al met rasse schreden naderen, wat betreft het vissen dan. De Lot, geen karper (wel 'n mooie barbeel), Lac de Bouzey, helemaal niks, Lac de St-Pardoux geen karper (wel 'n mooie kopvoorn en op 5 minuten daar vandaan in 'n betaalwater m'n PR van 30 pond),de Hengelhoef in BelgiŽ, helemaal niks. Nog 1 keer zou ik het proberen op de donderdag.

DINSDAG 25 EN WOENSDAG 26 JULI

De familiedagen, waarop we toch maar eens ietsepietsie actiever werden. Zomaar 'n bezoekje aan het oude dorp van Frejus, winkeltjes kijken en zo en op een avond toch maar eens richting de boulevard, waarbij we zelfs wel 5 minuten pootje gebaad hebben in de azuur blauwe Middellandse Zee, of was ie nou zandgrijs? Het was al donker, dus ik weet het eigenlijk niet. Trouwens om daar te komen had ik al anderhalf uur rondgereden, op zoek naar een parkeerplaats, alles stond vol met van die autootjes van 5 ton en meer en toen ik er eindelijk een gevonden had, moesten we nog een half uur lopen naar de boulevard. Het was overigens de moeite wel waard, want er was een kermis en er was markt. Heel gezellig allemaal. Typisch voor de Cote d'Azure is het verschijnsel excentrieke "rijke" bejaarde. Er lopen daar hele hordes ouwe oma's kilo's goud rond te zeulen, heel apart! Ziet er niet uit, al die vellen met dat goud er omheen. De dag erna zijn de jongens nog wezen karten, dat is iets wat ze elke vakantie wel een keer willen doen (en wel vaker ook!). Bryan pogend zo hard mogelijk te gaan, logisch voor 'n knul van 15, die gek is op auto's en Collin, die nog op de kids-baan moest rijden (karts met een lager vermogen) en die zich daar met z'n 12 jaar al eigenlijk te groot voor vond, waardoor ie nogal baldadig ging rijden en telkens de andere (jongere) kids van de baan, de autobanden in probeerde te rijden. Een keer deed ie dat zo opzichtig, dat ie van de baancommissaris de vlag kreeg en bij nog een keer van de baan af moest. Lachen dat kreng! We wilden ook nog bootjes kijken in de haven van Frejus, van die miljoenenschuitjes, maar ook nu weer geen parkeerplek te vinden, dus maar weer zwemmen. Niet dat we dat nu zo erg vonden.

DONDERDAG 27 JULI

De laatste viskans die ik ons gaf. Nu moest het maar gebeuren. We zouden weer tot donker vissen. Zelfs Bryan wilde mee en die houdt helemaal niet van vissen! Helaas 'n teken dat ie de vakantie niet echt geweldig vond en zich verveelde. Jammer, maar dat was vooral aan de onafgebroken hitte te danken, anders waren we wel vaker ergens heen gegaan met die gasten. Voordeel hiervan was, dat hij de videocamera meenam en zo een filmpje kon schieten, als er wat gevangen werd. Maar helaas, wederom maar enkele piepjes en verder niets. Erger, we haalde de avond nog niet eens, want er kwam weer onweer opzetten en ditmaal nog iets grootser dan de vorige keer.

Een zwarte muur kwam over de noord-arm langzaam onze kant uit, dus inpakken maar weer, geen risico. We gingen niet direct richting camping. We reden, nu we de videocamera mee hadden, nog even richting de brug, om daar nog wat materiaal te filmen. Maar na dit gedaan te hebben, vielen de eerste druppels en gingen we er gauw vandoor. Een hevig onweer barstte er achter ons los, met felle bliksems en een muur van regen. Twintig kilometer verderop, op de camping, bleef het onweer beperkt tot wat geflits in de bergen, ver weg. Dat was dan Cassien, geen Walhalla, eerder 'n soort vagevuur, de hel lijkt me iets te sterk uitgedrukt. Weer een vakantie zonder vis en toch weer lekker ff eruit, ff geen werk. Een dooddoener natuurlijk, hoewel vakantie hoe dan ook erg belangrijk en lekker is, maar had ik nu niet 1 visje kunnen vangen, 'n kleintje maar.

Voor hen die er nog ooit naar toegaan (ik niet meer, mij te ver!) enkele tips, die uit mijn verhaal eigenlijk al duidelijk zijn geworden.
- neem een boot met elektromotor mee
- vis met tijgernoten of partikels (veel catfish en die zijn gek op
  boilies)
- vergunning camping Les Floralies, Montauroux
- rustig vissen op de noord-arm (boot noodzakelijk om de stekken
  te bereiken)
- neem veel water mee
- vis niet op zaterdag en zondag, veel drukte met Franse
  badgasten
- gebruik een voorslag op je lijn ivm richels, rotsen,     
  boomstronken, mosselbanken en wierbedden
- verwacht er niet teveel van, het is verschrikkelijk moeilijk water
- zoek niet naar Gerard of Pierre, die zijn er niet meer!

VRIJDAG 28 JULI

Laatste dag! Morgen gaan we alweer naar huis. Nog wat boodschapjes doen en eindelijk eens lekker zwemmen. Doen we de hele vakantie al, zou je zeggen. Ja, maar eindelijk is er op de camping ook eens een onweersbui gevallen en er is nu niemand in het zwembad, dus helemaal van ons, heerlijk!

ZATERDAG 29 JULI

Om 9 uur rijden, hoewel ik veel liever al om 5 uur was gaan rijden, maar er kon door de campingreceptie niets geregeld worden, pas om half 9 zou er gecontroleerd kunnen worden en dan pas kregen we onze borg terug. Voor 250 euri's blijf je dan nog wel ff wachten. Onderweg zouden we beslissen, of we het weer in twee etappes zouden rijden, dus met 'n overnachting, net als op de heenweg. Maar dan ben je eindelijk op het punt waarop je die beslissing moet nemen en dan denk je, het gaat nog wel, we rijden gelijk door. Heb ik nog spijt van. Ik moest daardoor heel BelgiŽ in het donker door en was helemaal total-loss. Uiteindelijk waren we om 2 uur 's nachts weer thuis, na 19 uur sturen. De volgende vakantie wordt er zeker weer op karper gevist en uiteraard probeer ik, dat in een leuk water te doen. Maar voor mij geen Cassien meer. Dat ligt niet aan Cassien hoor! Ik kan gewoon niet vissen.

  

   

Hierboven nog wat plaatjes vanaf de brug genomen. Links zicht op de west-arm, onder zicht op de noord-arm en rechts twee vissers net naast de brug, die een wereldstek hadden op de zandbank.

Leuk toeval bij die foto is, dat ik op 14 juli 2007 werd gemaild door Martijn. Wat bleek, hij was een van de vissers op de foto en zag de foto bij een bezoek aan de oude site, waar dit verslag ook nog op staat. Uiteraard heb ik hem de foto en het bijbehorende stukje video gemaild, waar hij om vroeg. De stek bleek beter dan de mijne, want zij hadden wel goed gevangen, wat ook logisch is, want zij waren er al voor de 6e keer. Daaruit blijkt maar weer, dat kennis en ervaring op een moeilijk water als Cassien, erg belangrijk zijn.

auteur: Metalman